Auteur   Bericht
Jos Komen
Site Admin
Site Admin


Geregistreerd op: 21-7-2004
Berichten: 1164
Woonplaats: Haarlem

BerichtGeplaatst: Do Nov 11, 2004 9:27 pm    Onderwerp: Azimuth 195 in 1935  Reageer met quote
Opgestuurd door Co Rechsteiner


Vacantiegenoegens op de IJmuider stoomtreiler Azimuth 195
In 1935

door
C.C. Verwaaijen (1905-1984)

"VACANTIE", schrijf ik aan het hoofd van dit artikel, maar was het werkelijk wel de langverbeide vacantievreugd, waaraan men zoo vaak met een
soort gevoel van heimwee terugdenkt!
Nuchtere ontspanning was hier zeer zeker beter gezegd. Hoe ik er toe kwam met een treiler ter vischvangst mee te gaan is gauw verteld. Vacantie in september - Katwijk aan Zee - strand reeds verlaten door 99% der badgasten - opruiming van badhuisjes - tenten en strandstoelen - een praatje met een over het strand slenterende stuurman ter visscherij, die een gedwongen vrije dag had omdat zijn schip in IJmuiden lag te besommen, een afspraak en de volgende dag naar IJmuiden.



Onderweg met de ploeg (talrijke Katwijksche visschers voeren op de IJmuider vloot) uit de autobus en 2 flinke borrels op de valreep, in IJmuiden den onmisbaren stroozak aangeschaft en om half twaalf v.m. de pieren uit. Onze bemanning bestond uit: de schipper, stuurman en vier matrozen, in de machinekamer een machinist, twee stokers en verder de kok, dus tien man equipage.
Op den dag van vertrek was het stralend zomerweer en een waar genot om over de lichte deining te dansen. Bij het uitvaren merkte de schipper nog op dat er niet gekeerd werd voor een zeezieken passagier.

Met een weinig hoovaardij nam ik deze opmerking in ontvangst, omdat ik me een hele "zeepiet" gevoelde, daar ik wel eens een reisje naar Zuid-Amerika had gemaakt.

Na ongeveer 16 uur stoomen in noordwestelijke richting werd op het zuidelijk gedeelte van Doggersbank in den vroegen morgen van den tweeden dag voor het eerst het net uitgezet. Ik had verzocht mij te willen porren bij het eerste binnenhalen van het net, wat achteraf overbodig bleek. Ik had namelijk nacht-accomodatie gekregen op den grond in de hut van den stuurman en rolde door de beweging van het schip telkens van mijn stroozak, zoodat er van slapen al heel weinig terecht kwam.

Bovendien geschiedt het uitzetten en inhalen van het net met zoo veel lawaai, dat het voor een nieuweling aan boord al heel ongewoon was. Het visschen geschiedt onder het varen; het net wordt nl. aan lange staaldraad kabels over den zeebodem gesleept en hoe sneller een trei1er vaart des te meer visch er verschalkt wordt. Het net sleept in V-vorm over den bodem; aan de beide uiteinden bevindt zich een speciale constructie om het net open te houden, dan volgen ettelijke meters stalen kabels met touw omwonden aan het eind waarvan
de vischborden zitten en vervolgens weer staalkabels die met het schip zijn verbonden.

Het geheel wordt bediend vanaf een lier of stoomwinch. De kabels die met touw omwonden zijn woelen over de grond, waardoor het water achter de kabels troebel wordt. Aan den binnenkant blijft het water helder. De visschen nu schieten in het heldere gedeelte en dus in het net. Om 6 uur des morgens werd de eerste trek opgehaald en gespannen zag ik toe hoe de kuil, d.i. de zak van het net, opgedraaid werd. De schipper zei "als je de blaasjes bovenziet zoodra het net langszij ligt, kun je er staat opmaken dat de trek schraal is". De blaasjes zijn gummi ballonnetjes aan den bovenkant van het net om het open te houden. De blaasjes kwamen werkelijk boven en de trek bleek ook maar zeer gering te zijn.

Voor een stedeling echter groot en gevarieerd genoeg om groote oogen op te zetten. Deze trek bevatte reeds diverse soorten visch, die men aan den wal nooit ziet. Al direct eigenaardig vond ik de zgn. hezemonden of hezebekken, typische visschen met een bijna kogelrond lichaam, uitloopend in een staartstuk.
De bek beslaat ongeveer den halven omtrek van het lichaam en met hun grooten muil zijn deze visschen ware veelvraten. Eens haalden wij er een uit het net die 9 groote makreelen in den bek had. Als de hezemonden behoor-lijk aan de maat zijn wordt het staartstuk afgesneden. daar dit gedeelte van de
visch uitstekend voor consumptie geschikt is.
Wat mij bijzonder trof was, dat de visch, die te klein was om te markten, weer over boord werd gezet. Bij den eersten trek, die uit circa 12 manden visch bestond, werden er na sorteering 4 manden aan de zee teruggegeven. De inhoud van deze manden was vrijwel dood. wat een groot nadeel is voor de visscherij.

De schipper zei mij dan ook, dat de vischstand in de Noordzee belangrijk terugliep en met de huidige systemen de Noordzee vrijwel leeg gevischt werd.
Nu werd de eerste trek, na het leegschudden van de kuil aan dek, door de bemanning onderhanden genomen. Elke visch wordt nl. gestript, d.w.z. open gesneden, waarna de ingewanden worden verwijderd. Twee man sorteerden de
visch in manden en drie man begonnen te strippen.

Als het strippen is afgeloopen, komt er water aan dek en wordt de gestripte visch zorgvuldig met zeewater afgespoeld en in manden geschept. Vervolgens gaat het vischruim open en wordt de behandelde visch in het ijs gelegd. Van nu af aan werd het een regelmatig uitzetten en weer inhalen van het net. Eén trek duurde ongeveer 2½ uur, doch de vangst was dien dag ver beneden het gemiddelde.

We vischten 2 dagen op Doggersbank zonder veel succes. Ofschoon onze treiler tot de zgn. IJslandbooten behoorde, hadden we geen radio-installatie aan boord, maar wel beschikte de schipper over een primitief ontvangtoestelletje, waarmee hij de gesprekken kon opvangen, die de schippers van de in onze buurt visschende treilers met elkaar voerden. De schippers van treilers van eenzelfde maatschappij houden elkaar steeds op de hoogte van hun vangsten en zoodoende vingen we een bericht op, dat een IJmuider treiler aan de Noord d.i. op den zestigsten breedtegraad ter hoogte van Bergen (Noorwegen) een bijna niet te verwerken makreelvangst had.
Op dit bericht ontstond er een ware race van de grote treilers naar de Noord, waaraan ook wij mee deden. Na twee dagen stoomen kwamen wij te bestemder plaatse aan op de Vikingbank.

Inmiddels had ik mijn grondlegger verwisseld voor een kooi in de messroom op het achterschip. Nauwelijks aangekomen op de Vikingbank, dat was in de nacht van Zondag op Maandag, kregen we het Spaansch.Ik lag in de kooi. doch van slapen kwam niet veel door de hevig stampende en slingerende beweging van
het schip. Op een gegeven moment brak er een groote golf over de achterplecht, sloeg in de kombuis, doofde het vuur en kwam donderend de trap afrollen, de messroom binnen. Alle hens waren in de weer, behalve de passagier, die eenigszins onverschillig was geworden door een katterig gevoel dat veel van zeeziekte had……

Inmiddels goot het met bakken uit de hemel, wat tot gevolg had dat de wind af- flauwde tot een stijve bries. 's Maandagsmorgens werd nu voor het eerst aan de Noord het net uitgezet en vol ongeduld verbeidden wij het moment van binnenhalen. Dit liep echter op een groote teleurstelling uit, want de trek was maar heel gering. En zoo ging het verder den heelen dag.
De radioberichten, die wij van de in de buurt visschende treilers opvingen, waren echter hoopvol; trekken van honderd manden makreel waren veelvuldig, ofschoon het leek dat de scholen makreel onzen treiler negeerden.

Dinsdags deden we een trek van 80 manden zwarte koolvisch, een visch ter grootte van een flinken kabeljauw, die op de markt echter niet veel opbrengt.
Het zette echter eenigszins aan. We waren nu bijna een week van huis en het vischruim was nog maar matig gevuld. De stemming aan boord was niet al te best, ofschoon ieder zich goed hield.

De geschiedenis van de blaasjes herhaalde zich voortdurend, totdat de Woensdag-avond een gunstige wending in de vangst bracht. Om 10 uur deden we een trek makreel van meer dan 10.000 stuks, welke in twee partijen aan boord gehaald werd daar men bang was dat de kuil zou bezwijken, als de heele trek ineens werd opgeheschen. Dat gaf me een drukte aan boord. Het strippen van ruim 10.000 makrelen leverde natuurlijk heel wat werk aan dek en er werd dan ook den halven nacht aan gewerkt. Zelfs de kok werd uit de kooi gehaald om te helpen.
Den volgenden morgen bij het aanbreken van den dag hadden we een trek van ongeveer 8.000 makrelen, doch het was ondoenlijk deze partij ook nog te strippen en daarom werd de last onmiddellijk in het ijs gestopt. Men verwachtte namelijk goede makreelvangsten en hoopte spoedig te kunnen "markten".
Inmiddels vingen we steeds de radiogesprekken op van onze buurlui en het was interessant het wel en wee van onze mededingers te vernemen. Zoo vertelde een schipper, dat hij een trek van 30.000 makrelen verspeelde inclusief het net, daar de last bij het binnenhalen te zwaar was.

En een ander was met zijn net op een wrak vast geloopen en verspeelde niet alleen het net maar ook de kabels en de vischborden, een schade van meer dan 500 gulden. Wij liepen gelukkig vrij van aanzienlijke netschade; behoudens kleine beschadigingen tengevolge van het schuren over de steenen viel er niet veel te boeten. Kapotte netten veroorzaken veel oponthoud, daar zooveel mogelijk met hetzelfde net gevischt wordt en beschadigingen, klein of groot, hersteld worden voordat het net weer wordt uitgezet.
Men kan zich wel voorstellen dat de bemanning aan boord van een treiler een zeer ongeregeld leven heeft. Als er b.v. veel gevangen wordt en bovendien de netten vaak beschadigd zijn komt er van rusten niet veel.Is het dan ook een wonder, dat ze gedurende de heele reis niet uit de kleeren komen en zelfs gekleed te kooi gaan.

Onze makreelvangst was na de trek van 8000 weer afgelopen en den geheelen Donderdag was het opnieuw misère. Er werd derhalve besloten een mijl of 60 zuidelijker te gaan visschen en zoowaar hadden we het geluk een dikke tachtig manden groote kabeljauw te verschalken. Zooiets brengt de moed er weer in en er werd dan ook druk doorgevischt, maar nu scheen het toch definitief afgeloopen te zijn met de fortuinlijke trekken.

Tot Vrijdagnacht werd er gevischt en kort na middernacht werd het net definitief binnengehaald om vervolgens naar huis te stoomen. De berekening was Zondagavond ongeveer 10 uur te IJmuiden, doch inmiddels was de wind voor de zoo veelste maal omgeloopen en stond schuin op de kop, wat natuurlijk bij stijve bries onze vaart remde, waardoor de aankomst 4 uur werd vertraagd.
De kost was goed aan boord, eenvoudig doch stevig en natuurlijk stond er altijd een schaal gebakken visch, waarvan door alle bemanningsleden steeds een dankbaar gebruik werd gemaakt. Het is eigenaardig, dat deze mensen nog zoo graag visch lusten. Om 7 uur 's morgens kwam er een schaal gesneden brood op tafel. Het brood werd door de kok aan boord gebakken. Onze kok was dertig jaar lang broodbakker geweest, doch door de malaise als scheepskok op een treiler terechtgekomen. Voor boter en beleg moest ieder voor zich zorgen. Uit een grooten theeketel kon ieder zichzelf bedienen.
Om 10 uur werd er koffie geschonken wat "pikeet" genoemd werd. 12 Uur 's middags diner: vleesch, aardappelen en groente en tweemaal gedurende de reis gekookte visch. 's Middags 4 uur weer thee en 's avonds 7 uur avondbrood met koffie.


De Zondag kenmerkte zich door krentebrood bij het ontbijt en pudding na het middageten. Ik was dol op krentebrood en kreeg van de kok een paar extra sneetjes, maar meestal offerde ik dit alles kort daarna weer aan de visschen.
De bemanning moet zelf de kost betalen en toen ik na afloop van de reis
met den stuurman afrekende moest ik voor 12 dagen volpension de kapitale som van 6 gulden voedinggeld betalen.

Drinkwater wordt er voldoende meegenomen evenals kolen om onvoorziene omstandigheden het hoofd te kunnen bieden. Er was geen druppel sterke drank aan boord, ofschoon ieder voor zich vrij is een flesch mee te nemen. Het gebruik van drank aan boord zal wel voor een groot deel van den schipper afhangen.De vaste gages zijn laag, doch elk lid van de bemanning krijgt een premie van de besomming. Ieder is dan ook geïnteresseerd bij een goede vangst. Een vol schip visch wil echter nog niet zeggen een hooge besomming. Veel aanvoer betekent lage prijzen. Vaak krijgen de schepen van hunne Reederij telegrafisch opdracht een dag of langer buitengaats te blijven, ondanks een vol schip visch, omdat er te veel booten tegelijk "markten".
De reisduur kan echter niet naar believen worden gerekt. Men heeft namelijk ijs aan boord voor een bepaalden tijd en moet hiermede wel degelijk rekening houden. De schipper heeft meestal geen vaste gage, doch uitsluitend procentengeld van de besomming. Voor hem beteekent een lage besomming dus weinig verdienste. Dat het fortuin bij het visschen vaak afwisselend is, moge blijken uit het feit, dat de besomming van de reis die ik meemaakte f.3500,-- bedroeg, terwijl ik later eens in de courant las, dat dezelfde treiler f.2000,-- besomd had bij een reisduur van eveneens 12 dagen.
In den regel zijn deze schepen slechts één dag binnen. Onlangs las ik, dat
de vischkoopers en exporteurs ontevreden waren over het feit, dat er te veel visch van dezelfde soort te IJmuiden werd aangevoerd. M.i. kan men echter maar niet uit de zee ophalen wat er in IJmuiden gewenscht wordt.
Over ophalen gesproken, ik hoorde aan boord nog staaltjes vertellen van wat er in den oorlog (1914-1918) al niet met het net werd opgehaald, afkomstig van getorpedeerde en door mijnen verongelukte schepen.

De machinist vertelde mij, dat zij eens een trek van circa 600 blikken tomaten sauce deden. Men kende toentertijd de waarde hiervan niet en gooide de overtollige ballast terug in zee. In Engeland waar zij hun visch "marktten" hoorden ze echter, dat ze een kapitaaltje hadden weggegooid.

Voordat er van contigenteering en andere crisismaatregelen sprake was, werd er vaak door Nederlandsche treilers in Engeland, b.v. in Grimsby of Yarmouth gemarkt. Dit is echter niet meer loonend, daar er vrij veel rechten betaald moeten worden door Hollandsche treilers om in Engeland te markten.
Dit waren de ervaringen die ik opdeed. Met de geheele bemanning raakte ik goed op dreef en aan het eind van de tocht nam ik hartelijk afscheid, een stukje levensgeschiedenis rijker. (Ik zette onder dit artikel heel romantisch: PSEUDOVARENSGEZEL).

Naschrift
Dit verhaal tekende mijn vader op in de oude spelling en ik heb dat zo gelaten.

Hens Vlam-Verwaaijen
Capelle a/d IJssel, oktober 2004

Copyright Hens Vlam-Verwaaijen
Naar boven  
Bekijk gebruikers profiel Stuur privé bericht Verstuur mail Bekijk de homepage    
Jos Komen
Site Admin
Site Admin


Geregistreerd op: 21-7-2004
Berichten: 1164
Woonplaats: Haarlem

BerichtGeplaatst: Do Nov 11, 2004 10:36 pm    Onderwerp:  Reageer met quote
Over het Copyright, dit stuurde Co ook mee.
All the best
Jos

Beste Co,

Het is al weer een tijdje geleden dat ik je het verhaal van mijn vader op de Azimuth toestuurde en je vroeg, meen ik, in die laatste mail of het verhaal geplaatst mocht worden. Vervolgens trad er van mijn kant even een radiostilte in maar nu geef ik je van harte toestemming tot plaatsing.

Als je op deze site www.eptanederland.nl kijkt en je klikt Gids Lichte Muziek voor Piano aan dan zie je daar het resultaat van 2 jaar hard werken met de 4 andere leden van de Werkgroep Leergang Lichte Muziek. Deze gids wordt op dit moment gedrukt heel spannend. Vandaar de tijdelijke radiostilte.

Vriendelijke groet,

Hens Vlam-Verwaaijen
Naar boven  
Bekijk gebruikers profiel Stuur privé bericht Verstuur mail Bekijk de homepage    
Jaap v D
+25 Berichten geplaatst
+25 Berichten geplaatst


Geregistreerd op: 21-7-2004
Berichten: 46
Woonplaats: Katwijk aan zee

BerichtGeplaatst: Vr Nov 12, 2004 9:55 am    Onderwerp:  Reageer met quote
Toen werd de vis nog duur betaald

grts Jaap


Built by Text2Html